Mijn vader en Berlijn

muur

De muur in Berlijn

Een trein dendert langs het raam. In Berlijn is altijd ergens een trein te horen. Ik leun uit het raam en zie een werkelijkheid die sterk verschilt van de werkelijkheid die mijn vader zag in 1984, het jaar waarin hij voor het eerst in deze stad aankwam. Als treinmachinist had hij – dankzij vrijwillige uren en veel werk – een reis naar de toekomst gewonnen. Ja, want in die periode was de DDR de horizon die vele Cubanen op een dag hoopten te bereiken. Vandaar dat ze die man met de locomotief en de vette handen een bon gaven, zodat hij voor zijn vertrek naar Europa wat kleren zou kopen. Hij kocht een combinatie van een jasje en een broek en bovendien een enorme koffer waarin mijn zus en ik verstoppertje speelden. Hij kwam midden in de winter in Oost Duitsland aan en bleef slechts twee weken met een georganiseerde reis waarvan het belangrijkste doel was om de voordelen van het model te laten zien aan de bevoorrechte reizigers. Mijn vader kwam overtuigd terug.

Bij de terugkomst op het vliegveld had hij een handtas bij zich en een glimlach van oor tot oor. In de tas een paar schoenen voor elk van zijn dochters, wat uiteindelijk het beste was wat hij had meegebracht van die reis. Dat en de herinneringen. Decennia lang heeft hij ons verteld over zijn verblijf in de DDR.  Elke keer details toevoegend, het verhaal bijna veranderend in een familie legende die we moesten horen alsof we verzamelden voor een herdenking. Met de blik van vandaag laat de verbazing van die machinist zich samenvatten in het feit dat hij in Berlijn in een café kon gaan zitten en een drankje kon bestellen zonder in een lange rij te staan. Hij had enkele cadeautjes voor zijn kleintjes kunnen kopen zonder een boekje voor gerantsoeneerde producten te hoeven laten zien. Hij had een douche kunnen nemen met heet water in het hotel waar hij verbleef. Hij was verbaasd door alle kleine dingen.

Nu ben ik het, die in Berlijn is. Denkend dat mijn vader deze stad niet zou herkennen. Hij zou haar niet kunnen verenigen met die andere stad, die hij bezocht in een jaar zo Orwelliaans als het jaartal al aangaf. Van de muur die haar in tweeën deelde is alleen een museaal deel over dat is beschilderd door diverse kunstenaars. Het hotel waar hij was is waarschijnlijk gesloopt. De naam van de vrouw die voor hem als tolk optrad en die hem in de gaten hield – opdat hij niet naar het westen zou ontsnappen – komt niet in het telefoonboek voor. De koffer bestaat ook niet meer en van de schoenen hebben we slechts een schooljaar plezier gehad. De rood getinte foto’s die hij op Alexander Platz nam zijn inmiddels zo verbleekt dat je niets meer ziet. Toch ben ik er zeker van dat mijn vader bij terugkomst zal proberen mij Berlijn uit te leggen. Hij zal me vertellen hoe hij een bakkerij binnenging en een pasteitje at zonder het rantsoenboekje te laten zien. Ik zal lachen en ik zal hem gelijk geven. Er zijn dromen waarvan het na zoveel tijd de moeite niet loont ze te verstoren.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s