Royalty en gedienstigheid

foto: Silvia Corbelle

Mijn oma waste en streek voor de straat. Toen ze stierf, halverwege de jaren tachtig, kon ze alleen de drie letters van haar naam schrijven: Ana. Haar hele leven werkte ze als huishoudster van een familie, ook na 1959 toen de officiële propaganda prat ging op het de emancipatie van de bedienden. In plaats hiervan bleven veel vrouwen zoals zij in het huishouden werken, maar dan zonder legale dekking. Voor mijn zus en mij verbleef Ana een deel van de dag in het huis van de Ayestaran-straat en nooit zeiden we hardop dat ze haar daar betaalden voor het schoonmaken van de vloer, het schrobben van de borden en het voorbereiden van het avondeten. Nooit heb ik haar zien klagen, ook wist ik niet dat ze haar mishandelden. Een paar dagen geleden hoorde ik een gesprek die contrasteerde met het verhaal van mijn oma. Een volslanke vrouw, met dure kleding aan, vertelde aan haar vriendin, tussen de glazen witte wijn door, hoe het ging met haar jonge huishoudster. Ik schrijf hier de dia-loog op, zonder een woord toe te voegen, die me achterliet met een mix van afkeer en verdriet.

– Als ik jou zo hoor, heb je geluk.

– Ja, ik mag niet klagen, dat is waar. Susy begon bij ons toen ze 17 was en ze is net 21 geworden.

– Eens kijken of ze zwanger raakt en je haar eruit moet gooien.

– Nee, dat is heel duidelijk voor haar. Ik heb haar al verteld dat ze, als ze zwanger raakt, haar baan verliest.

– Ja, maar je weet dat uiteindelijk haar ware aard boven zal komen drijven. Ze is in staat om achter een of andere man aan te gaan uit het dorp waar ze is geboren.

– Welnee, ze gaat daar nooit naar toe op vakantie. Stel je voor; ze hebben geen elektrische verlichting, de vloer is van aarde en ze delen het toilet met vier families! De hemel ging voor haar open sinds ze bij ons is. Het ontbreekt haar aan niets. Wat ze moet doen, is naar mij luisteren, meer vraag ik haar niet.

– Zo beginnen ze, maar daarna geloven ze dingen en vragen ze meer.

– Tot nu toe is het ons goed gegaan. Ze kan op zondagmiddag doen wat ze wil, maar ze moet voor twaalf uur ’s nachts terug zijn. Meestal wil ze niet uit, omdat ze niemand in Havana kent. Dat is beter, want ik houd niet van een slechte invloed.

– Ja, de straat is verschrikkelijk. Beter dat die boerenmeisjes daar niet lopen, want dan leren ze van alles.

– Ze leren meer dan vier dingen. Daarom controleer ik haar telefoongesprekken. Het zal niet zo zijn dat ze dingen leert die ze niet hoeft te leren.

– En die vriend waarvan je me vertelde dat ze die had?

– Dat heeft niet standgehouden. Wij hebben haar verteld dat we geen bezoek van mannen willen in ons huis. En ze heeft echt geen tijd om verliefd te worden: mijn kinderen absorberen veel tijd. Het park, het huiswerk van school, ze willen verven voordat ze naar bed gaan, er moet een verhaaltje verteld worden, ze willen niet alleen naar films kijken. Arme meid, als ze op bed valt moet ze uitgeput zijn!

– Neeee, jij mag van geluk spreken. Ik heb geen geluk gehad, elke keer dat ik iemand aannam, duurde het niet eens een maand.

– Als je wil, dan stel ik je voor aan de jongere zus van Susy, ze lijkt heel serieus.

– Hoe oud is ze?

– 15 jaar, dus je kan haar naar jouw smaak vormen.

– Ja, geef haar mijn telefoonnummer en zeg dat ze me belt. Ah, zeg haar dat als ik haar aanneem, dat ik alles voor haar koop: kleren, schoenen. Maar als ze op een dag gaat, neemt ze nog geen paperclip mee van mijn huis! Zeg haar dat, want anders krijgen ze het in hun bol, en het is hartstikke moeilijk om ze weer terug op aarde te brengen.

De twee vrouwen praten door en de fles raakt leger. Ik hoor het als een van hen pronkt met de meer dan zestig paar schoenen die haar man heeft. Ze lachen en ik voel een bekende rilling in mijn buik, de opeengehoopte woede door de provocatie van mijn mishan-delaars. Ik ga de straat op voor een beetje lucht en zie buiten de auto waarmee de ‘dames’ zijn gekomen. Het heeft een groene kentekenplaat die opvalt bij de glinsterende metallic grijze kleur van de auto. Het is de nieuwe aristocratische klasse. De olijfgroene ‘royalty’, zonder schaamte of schroom. Ik spuug op de voorruit, voor Susy, voor Ana, voor mij.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s